Anderhalvemeter buitenruimte

Rutte’s intelligente lockdown dwong ons de afgelopen maanden thuis te blijven. Op het moment dat je er toch op uit trok, was dat het liefst een wandeling in een park, bos, heideveld of duinenrij. Even naar buiten, goed voor je hoofd én je lijf. Ik genoot er ook met volle teugen van. Eenmaal buiten voelde ik de waarde van die natuur. Meer dan ooit bleek het een onderdeel te zijn van wie we zijn en wat we nodig hebben als samenleving.

Toch ontkwamen we in de buitenruimte ook niet aan corona. Matrixborden met ‘houd afstand’, geplastificeerde A4tjes bij de entree van natuurgebieden met de regels en ga zo maar door. Hoe gaan we in onze ‘nieuwe werkelijkheid’ ook een anderhalvemetersamenleving creëren samen met de buitenruimte? Want willen we wel een natuurgebied dat volhangt met rood-witte linten voor no-go’s of bordjes voor eenrichtingsverkeer?

En wát vindt de natuur hier eigenlijk van? De druk om met 17 miljoen mensen de afgelopen maanden het Nederlandse buitengebied te gebruiken, is fors toegenomen. Als we deze ruimte blijvend willen gebruiken voor een hoge kwaliteit van leven, vraagt dit een andere aanpak. Het nieuwe normaal zo je wilt.

De waarde van de natuur en het landelijk gebied behouden en versterken, vraagt om een duurzame ruimtelijke aanpak. Vertrekpunt daarbij is de vitaliteit van de leefomgeving. Die duurzame aanpak moeten we niet organiseren op microniveau of op het niveau van losstaande gebieden en objecten. Het is belangrijk dat er regio-overstijgende initiatieven komen, met een lange-termijnvisie op het gebruik en het beheer van de openbare ruimte.

Doorslaggevend hierin is bewustwording. Jij en ik, als ruimtebelevers, wij hebben er belang bij dat de waardevolle rol van natuur blijft. Een plek waar we even vrij zijn van planningen, waar zakelijke dilemma’s en roepende prioriteiten vervagen, waar nieuwe energie vrijkomt. Om de natuur natuur te laten zijn, zijn echter wel regels nodig. Ik ben geen voorstander van straffen en beboeten, ik houd meer van richting geven, verleiden en uitdagen. Hiervoor moeten we met elkaar schrijven aan een nieuw hoofdstuk van duurzaam ruimte- en natuurbeheer, ‘De ruimte ná corona’. Vertrekpunt: geen rode linten in onze buitenruimte, wel een overheid die vertrouwen geeft aan ons gedrag ten opzichte van die ruimte.

 

Dit artikel is reeds verschenen in Cobouw

Heeft u vragen over dit blogartikel?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.