Blogreeks circulaire economie: Afl. 2 Hoe het niet moet

Jurgen Ooms

It’s the economy, stupid! Een serie van drie blogs over circulaire economie; een blog-feuilleton in drie delen. Dit is aflevering 2.

Mijn vorige blog sloot ik af met de stelling dat we de kracht van de markt moeten gebruiken om het circulaire wiel op gang te krijgen en houden.

Met de kracht van de markt bedoel ik dan niet dat we alles maar vrijlaten en dat de sterkste (of volgens Darwin de fitste) speler wint. Ik vind juist dat de overheid heel duidelijk grenzen moet stellen aan wat wel en niet mag én zeker ook aan wat moet.

Met behulp van wet- en regelgeving hebben we het circulaire wiel nu al een zet gegeven. Op dit moment zijn er bijvoorbeeld al regels over wat wel en niet moet met afvalstoffen. Voorbeelden hiervan zijn de minimum standaarden voor afvalstromen, zoals in het net nieuwe Landelijk Afvalbeheerplan 3 (LAP). Maar ook de producentenverantwoordelijkheid die is opgelegd voor verschillende producten, zoals bijvoorbeeld voor elektrische apparaten en verpakkingen.

 

De bestaande regels duwen het wiel in de goede richting en laten het een slag draaien, maar uiteindelijk valt het wiel alsnog stil. De materialen en producten vallen onder uit de cirkel.

Neem het voorbeeld van de kunststof verpakkingen. Via producentenverantwoordelijkheid is afgedwongen dat een deel van de op de markt gebrachte verpakkingen weer moet worden ingezameld en gerecycled. Dit wordt vervolgens ondersteund door de verplichtingen in het LAP. De verpakkingsindustrie heeft dit zelf georganiseerd en om dit te bekostigen moet een verpakkingsbijdrage worden afgedragen aan het Afvalfonds Verpakkingen. Dit gebeurt aan de rechterzijde van de figuur als een product naar de gebruiker gaat. De waarde van de materialen (verpakking en inhoud) is daar zo groot dat een kleine belasting de verkopen niet tot stilstand brengt; het wiel blijft daar vanzelf draaien.

Geforceerd

Na het gebruik van de inhoud van de verpakking wordt de kunststof verpakking afgedankt. Doordat het Afvalfonds gemeenten betaalt om het kunststof verpakkingsafval in te zamelen en te sorteren, wordt de inzameling en opwerking geforceerd. Het wiel heeft een zetje gekregen en de laatste jaren hebben we het met zijn allen voor elkaar gekregen om in Nederland steeds meer kunststof verpakkingen in te zamelen.

Als we het wiel echter verder willen laten draaien, zien we dat het iets verderop weer tot stilstand komt. Het verder opwerken van de kunststoffen tot een goede kwaliteit is zo duur dat de prijzen voor secundaire grondstoffen te hoog worden en in sommige gevallen uitkomen boven de prijzen van primaire grondstoffen. En producenten van kunststof voorwerpen zijn niet bereid om meer te betalen voor secundaire grondstoffen. Het aanbod hebben we in Nederland georganiseerd, maar door een gebrek aan vraag komt de circulaire markt niet grootschalig op gang.

Dit zien we bij een aantal (verpakkings)kunststofstromen, bij afvalhout en bij textiel. Je hoeft maar bij een verbrandingsinstallatie te gaan kijken om te zien voor welke materialen de markt niet goed werkt. Nu sta ik daar waarschijnlijk iets vaker dan de gemiddelde lezer, dus ik kan mijn beeld wel delen: Er zijn nog heel veel materialen waarnaar de vraag nog niet groot genoeg is en waar de markt nog niet zijn werk doet.

Maar er gloort hoop aan de horizon. In het derde en laatste deel van dit blog-feuilleton zal ik antwoord geven op de vraag: Hoe moet het dan wel?

Circulaire economie

Meer informatie

It's the economy stupid!

Zie ook deze afleveringen:

Hoe kunnen wij u helpen?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.

Jurgen Ooms
T: +31 65 31 66 74 8
E:jurgen.ooms@tauw.com
LinkedIn
Jurgen Ooms