Een toegankelijke openbare ruimte voor iedereen

Ellen Verbeek

Wanneer is een plek mooi? Een subjectieve vraag waar iedereen een ander antwoord op heeft. Zo heeft iedereen andere beelden en voorstellingen van een goede openbare gebruikersruimte.
 
Sinds een paar maanden woon ik in Leiden. Een nieuwe stad waar ik me elke keer weer verbaas over hoe de voorkant van het station is ingericht. Wanneer ik mijn fiets heb gestald en naar de ingang van het station loop, moet ik eerst een paar hindernissen nemen. Een zebrapad waarbij je hoopt dat de fietsers en bussen die uit een bocht komen, voor je stoppen. Direct na het zebrapad volgt de oversteek van een fietspad dat in hetzelfde materiaal is vormgegeven als het stationsplein, waardoor iedereen zich deze ruimte toe-eigent (shared space). Al met al een onduidelijke en onoverzichtelijke situatie. Deze dagelijkse hindernissen zijn situaties waar ik - met een goed gehoor, een goed zicht en een goede fysieke gezondheid - moeite mee heb. En dan te bedenken dat een groot aantal Nederlanders een beperking heeft. Hoe verplaatsen zij zich in deze openbare ruimte? En hoe 'kijken' zij naar een dergelijke situatie?

Stationsgebied anders bezien

In een schouw op een ander station heb ik voor het project ‘Een toegankelijke stationsomgeving voor mensen met een beperking’, mogen meemaken hoe iemand met een visuele en auditieve beperking een station en haar gebied ervaart. Ook mensen die minder mobiel zijn en mensen die slecht tegen prikkels kunnen, maakten deel uit van het onderzoek. Waar je denkt 'ach, er zijn toch richtlijnen waar een gebied aan moet voldoen', gaat dat helaas niet op. Het uniform gebruik van geleidelijnen, noodzakelijk voor iemand die slechtziend is, is bijvoorbeeld niet aan de orde. Esthetica wint vaak van gebruikersgemak. Dat zijn conclusies die we helaas uit deze schouw moeten trekken. Alleen al de kaartjesautomaat is niet ingesteld op iemand in een rolstoel, tenzij je je pincode aan een wildvreemde wilt afstaan om je te helpen. Het concept ‘shared space’ is ook een drama voor iemand met een beperking. Van alle kanten komt wat, er zijn geen natuurlijke gidslijnen te vinden en kleuren lijken soms lukraak gebruikt te zijn voor een speels effect.. En speels betekent voor mensen met een beperking vaak juist onrust.
 
En dan te bedenken dat er een door Nederland aangenomen VN-verdrag is dat het belang van een inclusieve samenleving heeft vastgelegd en verplicht dat de openbare ruimte voor een ieder toegankelijk is. Inclusief betekent voor iedereen, maar als ik zo om me heen kijk is er op dit punt nog heel wat winst te behalen. Met kleine aanpassingen zijn grote verschillen te maken om een bijdrage te leveren aan een inclusieve samenleving. En geloof me, één dag op pad met mensen met een beperking leert je anders te kijken naar de toegankelijkheid van een gebied. En wat mij betreft is een goede openbare gebruikersruimte er eentje die inclusief is, en waar een ieder zich zelfstandig kan verplaatsen.

Meer informatie?

Hoe kunnen wij u helpen?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.

Ellen Verbeek
T: +31 65 52 55 86 6
E:ellen.verbeek@tauw.com
LinkedIn