Transitie

Jurgen Ooms

’We zijn in een transitiefase.’ Ikzelf ben meer gedreven door de inhoud en vond dat transitiefase-gedoe altijd maar een hoop gezwam. In mijn ogen betekent het dat je weet dat er dingen moeten veranderen, maar dat je nog even je kop in het zand steekt want veranderen doet pijn. We willen in Nederland vaak de kool en de geit sparen en niemand tegen de schenen schoppen, zeker met de verkiezingen voor de deur.
Ikzelf wil de wereld verbeteren door afval de wereld uit te werken. De zogenaamde materiaaltransitie. Dit soort transities gaan mij altijd te langzaam. Volgens Wikipedia duurt een transitie al gauw één tot twee decennia en moeten we ons die tijd gunnen omdat we anders grote overgangsmoeilijkheden krijgen. Blijkbaar ben ik meer een revolutionair, want ik wil alles het liefst gisteren nog iets mooier hebben dan vandaag. Maar na tien jaar in het afvalvak werd ik onlangs geconfronteerd met mijn eigen overgangsmoeilijkheden.

Geen afvalstoffenmanagement meer
Sinds de jaarwisseling hebben wij een nieuwe manager. Zij is sterker gericht op de markt dan de techneuten in ons werkveld. Als eerste is zij gaan praten met alle kennisdragers in het werkveld en vervolgens kwam zij met haar visie: ‘In ons werkveld hebben wij een enorme hoeveelheid kennis en kunde maar die weten we niet goed te vermarkten.’ Tot die conclusie waren we enige tijd geleden zelf ook al gekomen, dus dat was niets nieuws…
Dat ze vond dat we veel meer deden dan alleen afvalmanagement, was ook niets nieuws. We helpen al jaren klanten verder te komen met hun materiaalstromen en we doen dat natuurlijk niet alleen op afvalgebied. Juist het voorkomen van afval door slim inkopen en materialen en producten te hergebruiken, levert onze klanten tenslotte meerwaarde op. We helpen onze klanten met het rondkrijgen van een (meer) circulaire business case binnen het woud aan wet- en regelgeving.
Het revolutionaire aan de analyse van onze nieuwe manager was dat we ons werkveld anders moesten gaan noemen. Circulaire Economie en Duurzaamheid moest het worden. Oef, dat was wel even wennen. We waren al jaren bekend als de afvaljongens, of voor sommige collega’s de vuilnismannen, en dat met ongeveer de helft vrouwen in het werkveld! Het was zo langzamerhand mijn identiteit geworden. ‘Het begrip afval is tenslotte nog steeds een wettelijk bepaalde term…’ en ‘Wij zijn niet zo van de modetermen’, ‘Oude wijn in Nieuwe zakken…’ en ‘Er zal altijd wel wat afval blijven bestaan…’. Al deze gedachten schoten door mijn hoofd bij het idee de naam van het werkveld te wijzigen. Pas na eens rustig nadenken realiseerde ik me dat ze gelijk had…

Niet moeten maar willen
Veel projecten die wij doen zijn ingegeven doordat een klant van ons iets moet. In de milieuvergunning is een verplichting opgenomen om een afvalpreventieonderzoek uit te voeren. Dat is een kolfje naar onze hand. Een goede analyse en vervolgens een goed advies. Maar omdat het moet mag het niet te veel kosten, en de grootste winst kan meestal behaald worden na een forse investering, en daar zit een klant niet op te wachten bij een moetje.
Al kletsend met collega’s in het werkveld bleek dat de mooiste projecten die wij doen projecten zijn voor klanten die niet moeten maar willen. Een klant wilde bijvoorbeeld het hergebruik van zijn afvalstoffen verhogen tot 90%. Nu de hergebruikspercentages zijn opgekrikt van ruim 50% tot boven de 90% verduurzamen we de inkoop,  bijvoorbeeld door hun leveranciers zo ver te krijgen dat ze meer retourverpakkingen gaan gebruiken. We realiseren met gemak een netto kostenbesparing van enkele tonnen per jaar. Die klant wil nog veel meer.

Een andere klant wilde wel investeren in de opwerking van bodemassen, zodat die als bouwstof kunnen worden toegepast. Eén van mijn collega’s is hier al jaren mee bezig en binnenkort wordt de fabriek gebouwd. Niet omdat het moet maar omdat die klant wil! En recent had ik een potentiele klant aan de lijn die niet alleen maar hergebruik wil, maar circulair wil zijn met al zijn materialen. Ik kijk al uit naar het kennismakingsgesprek!

Wij worden gelukkig van klanten die willen. Een klant die wil maar nog niet weet hoe, daar zit voor ons de uitdaging. Wij maken het mogelijk dat onze creatieve oplossingen ook daadwerkelijk worden gerealiseerd. En daarmee heeft ons advies een positieve impact op de winstgevendheid van de klant en op het milieu en daar worden wij dan weer gelukkig van.

Circulaire Economie en Duurzaamheid
En daarom had mijn nieuwe manager gelijk. Om de klanten te bereiken die willen moeten we ons richten op de bedrijven en overheden die voorop lopen. De ondernemer met visie weet inmiddels dat deze mindswitch geld oplevert. Veel geld. En bij die mindswitch hoort een naam die dat tot uitdrukking brengt. De naam van ons werkveld is vanaf nu Circulaire Economie en Duurzaamheid. Ondanks de overgangsmoeilijkheden die vooral bestonden uit onze eigen schroom hebben we deze “revolutie” inmiddels achter ons. En nu verder met een echte transitie, de materiaaltransitie. Wij willen daarin voorop lopen en dragen dat met onze nieuwe naam uit, niet omdat het moet, maar omdat we dat willen. Wilt u ook maar weet u niet goed hoe? Bel me eens, en laat me weten wat u wilt.

Ons team:

 

Hoe kunnen wij u helpen?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.

Jurgen Ooms
T: +31 65 31 66 74 8
E:jurgen.ooms@tauw.com
LinkedIn
Jurgen Ooms