Nieuwe beoordelingsronde Veiligheidsrapport: bent u voorbereid?

Veel bedrijven die de hoge drempelwaarden van het Besluit risico’s zware ongevallen overschrijden (de zogenaamde hogedrempelinrichtingen) staan voor de uitdaging om in 2021 hun Veiligheidsrapport te herzien. Een tijdsintensieve opgave, waarmee zij het best zo vroeg mogelijk in het nieuwe jaar kunnen beginnen.

18 januari 2021

In 2015 is met het van kracht worden van het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo:2015), de Seveso III richtlijn in Nederland geïmplementeerd. In het besluit is onder andere opgenomen dat hogedrempelinrichtingen elke vijf jaar hun Veiligheidsrapport (VR) in zijn geheel moeten herzien, actualiseren en voorleggen aan het bevoegd gezag. In het VR staan alle technische en organisatorische aspecten beschreven alsmede de voorzorgsmaatregelen die getroffen zijn ten aanzien van het voorkomen, beheersen en bestrijden van zware ongevallen.


Herziening Veiligheidsrapport

Veel hogedrempelinrichtingen hebben in 2016 voor het laatst hun VR bij het bevoegd gezag ingediend. Dit betekent dus dat zij dit jaar voor de uitdaging staan om het gehele VR te controleren op actualiteit en voortschrijdende inzichten, niet alleen vanuit interne ontwikkelingen maar ook vanuit vernieuwde inzichten én veranderende eisen vanuit het bevoegd gezag.


Interne veranderingen en vernieuwde inzichten

Bedrijven zullen bij de controle ten aanzien van interne veranderingen moeten nagegaan of:

  • De (veiligheids)organisatie van het bedrijf nog correct en actueel is
  • Alle processen, inclusief de beheersmaatregelen, nog juist beschreven en actueel zijn
  • Er veranderingen in de omgeving zijn geweest die invloed hebben op de inhoud van het VR
  • Incidenten uit de afgelopen jaren bij het bedrijf of in de branche hebben geleid tot nieuwe inzichten ten aanzien van de risico’s


Veranderende eisen vanuit de wetgeving

Naast bovengenoemde ontwikkelingen is er sprake van voortschrijdend inzicht bij de wetgever, wat zich uit in:

  • Nieuwe onderwerpen in de controlelijsten voor het opstellen van een VR. Er is vooral extra aandacht voor incidenten als gevolg van natuurlijke oorzaken (overstromingsrisico’s).

  • Nieuwe rekenmodellen voor QRA (Quantitative Risk Analysis; Safety-NL versie 8.3) en MRA (Milieu Risico Analyses; Proteus versie 3.3). De QRA en MRA moeten in het actuele VR met deze modellen worden berekend.

  • Nieuwe kaders voor het opstellen van Bedrijfsbrandweerrapportages en van de toetsingscriteria. Hiervoor is inmiddels een nieuwe werkwijzer (versie 2019) verschenen. Belangrijke wijziging is dat er geen sprake meer is van referentiescenario’s.
    Wij zijn van mening dat het loslaten van de referentiescenario’s bij de bedrijfsbrandweerrapportage een grote impact heeft op het herzien van de installatiescenario’s. Hiermee wordt de onderbouwing van het selecteren van representatieve installaties, de scenariokeuze en het uitwerken van realistische scenario’s nóg belangrijker. Dit geldt ook voor de koppeling met eventuele andere veiligheidsstudies, zoals bijvoorbeeld de HAZOP-studie van een installatie.

 

Hulp nodig bij uw Veiligheidsrapport?

Bent u voldoende op de hoogte van alle ontwikkelingen om uw VR volledig te kunnen herzien, of hebt u toch nog vragen? Onze ervaren adviseurs drinken graag een (digitale) kop koffie met u om over de ins en outs van de actualisatie te sparren.

TAUW heeft veel ervaring met vraagstukken rondom de Brzo-wetgeving en begeleidt bedrijven voor, tijdens en na de inspectie. Meer informatie hierover is te vinden op onze pagina Brzo-wetgeving.

Hoe kunnen wij u helpen?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.