Resultaten onderzoek ‘potentie van waterkracht voor de Maas en kanalen’ bekend

Tauw heeft voor Rijkswaterstaat dienst Limburg onderzoek gedaan naar de potentie van waterkracht voor de Maas en kanalen en de mogelijke oplossingen voor visschade bij waterkrachtcentrales. Vanuit de Kaderrichtlijn Water is vismigratie een belangrijk aandachtspunt. Tauw heeft gekeken naar de beleidsmatige, technische en procesmatige aspecten voor waterkracht.


In de Nederlandse Maas bevinden zich twee waterkrachtcentrales, bij de stuwen Linne en Lith. Het maximale vermogen hiervan wordt geschat op maximaal 100 Mw. Doordat de Maas een regenrivier is, is er een groot verschil in afvoer gedurende het jaar. Dit maakt dat slechts een deel van de afvoer gebruikt kan worden voor economisch haalbare waterkrachtopwekking.

Vissterfte

Om vissterfte en -schade te beperken, is er momenteel ruimte voor 2 tot 3 waterkrachtcentrales in de hoofdloop van de Maas. Technische en beheersmatige maatregelen moeten de negatieve effecten op vissen zoveel mogelijk voorkomen. Technieken om vissen te beschermen zijn volop in ontwikkeling. Internationale afstemming en heldere afspraken over visbescherming tussen de landen in het stroomgebied van de Maas is als een belangrijke aanbeveling in het rapport opgenomen.

In situaties van laag verval wordt vaak een axiale turbine (type Kaplan), een vijzelturbine of een crossflow turbine toegepast. De visvriendelijkheid van turbines kan worden verhoogd door de axiale turbine in een afgeschermde behuizing te plaatsen (submarine turbine) en meer visvriendelijke werktuigen te ontwerpen, zoals de Flip-wing turbine, Hydroring of Vivace.

Ook een goede afstemming met het waterbeheer is noodzakelijk om visschade te beperken. Een efficiënte waterverdeling kan voor een optimale opbrengst van de centrales zorgen.

Partijen

Bij realisatie en beheer van waterkrachtcentrales worden verschillende partijen betrokken. Voor Maas en kanalen zijn dit onder andere:

  • Rijkwaterstaat dienst Limburg: beheerder van de hoofdwateren (de Maas en kanalen) en de kunstwerken (stuw en vistrap)
  • Het waterschap: beheerder van waterkeringen, grondwater en regionaal oppervlaktewater
  • Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf (RVOB): beheerder van eigendommen van het Rijk en exploitant
  • Gemeente
  • Milieu-, vis- en natuurverenigingen

Zie ook: Doorbraak in energie opwekken Nederlandse wateren

Contact persoon: Barry Meddeler