Stikstofproblematiek: eerste advies van de commissie Remkes

27 september 2019 - Het Adviescollege Stikstofproblematiek heeft, onder leiding van Johan Remkes, een eerste advies gegeven over de stikstofproblematiek in Nederland. Het advies is deze week gepresenteerd. Remkes gaf bij de presentatie van het rapport aan dat er maatregelen nodig zijn die zoden aan de dijk zetten.

In dit artikel leest u meer over de inhoud van dit eerste advies van de commissie Remkes en de visie van Tauw op het rapport.

Waarom een advies?

Als gevolg van de uitspraak van de Raad van State van 29 mei 2019 kan het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet langer worden gebruikt voor toestemmingverlening van activiteiten die stikstofemissie veroorzaken in voor verzuring gevoelige Natura 2000-gebieden.

Het Adviescollege Stikstofproblematiek kreeg daarom de opdracht om de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselveiligheid te adviseren over hoe om te gaan met de stikstofproblematiek in Nederland.

Eerste bevindingen

Het advies geeft een duidelijke richting aan voor de oplossing van de stikstofimpasse, maar is nog wel abstract en niet heel sterk gericht op de korte termijn vanuit het perspectief van de uitvoeringspraktijk. Remkes zei bij de presentatie: “De tijd van juridische trucs en listen is echt voorbij. De natuur moet herstellen en de uitstoot van stikstof moet omlaag.” In die zin bevat het advies geen grote verrassingen en blijft Tauw in de geest van het advies praktisch meedenken over de haalbaarheid op korte termijn en de uitvoerbaarheid van projecten van overheden, industriesector, projectontwikkelaars en aannemers.

Inhoud van het advies

Algemeen

Om uit de huidige impasse te raken zijn maatregelen nodig die gericht zijn op emissiereductie. Tegelijkertijd dienen versneld herstel- en verbetermaatregelen uit te worden gevoerd in de kwetsbare Natura 2000-gebieden, gericht op aantoonbaar herstel van deze gebieden. Het Adviescollege adviseert een gebiedsgerichte aanpak, die is gekoppeld aan de mate waarin de huidige kritische depositiewaarde overschreden wordt. Tauw is op verschillende terreinen betrokken bij deze ontwikkelopgave, zowel op het gebied van onderzoek als bij project- en procesmanagement.

Randvoorwaarden

Het Adviescollege stelt de volgende randvoorwaarden:

  • Reductie van emissies en deposities en versneld natuurherstel zijn randvoorwaardelijk voor de oplossing van de gerezen knelpunten en voor toekomstige toestemmingverlening.
  • De uitvoering van de maatregelen moet zijn geborgd en handhaafbaar zijn, en de maatregelen moeten aantoonbaar tot emissiereductie leiden.
  • Emissiereductie moet worden bereikt via kortetermijnmaatregelen, zowel gebiedsgericht (op voor depositie kwetsbare gebieden) als doelgericht (op grotere emissies).
  • Alle economische sectoren die stikstofuitstoot kennen, dienen een bijdrage te leveren in een evenwichtige verhouding, waarbij rekening wordt gehouden met kosteneffectiviteit.

Maatregelen per sector

Voor de korte termijn heeft het Adviescollege de volgende maatregelen geadviseerd:

  • Veehouderij: Geen generieke volumebeperkingen in de verschillende veehouderijsectoren, omdat er op dit moment grote verschillen bestaan in ammoniakemissies tussen en binnen sectoren. De commissie beveelt een selectieve, gebiedsspecifieke en doelgerichte reductie van de ammoniakemissies aan, door gerichte verwerving of sanering van agrarische bedrijven met relatief hoge emissies of verouderde stalsystemen in en nabij kwetsbare Natura 2000-gebieden. Ook wordt geadviseerd om op korte termijn de toepassing van emissiereducerende technieken en praktijken in de veehouderij te versnellen door deze via experimenteerruimte vroegtijdig toe te staan.
  • Mobiliteit: Een snelheidsverlaging doorvoeren op rijks- en provinciale wegen, zo nodig gedifferentieerd naar wegen of gebieden. Daarbij worden deze maatregelen gericht op aantoonbare effecten in de voor verzuring gevoelige Natura 2000-gebieden.
  • Industrie: Op korte termijn in beeld brengen in hoeverre verschillende industriële sectoren een negatieve bijdrage leveren aan de stikstofdepositie in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, welke maatregelen nodig zijn en welk (activerend) beleid kan worden gevoerd vanuit het Rijk en de provincies voor het stimuleren van de toepassing van nieuwe technieken en voor innovaties.
  • Bouwsector: In de bouw is winst te behalen door modulair, energieneutraal, circulair en natuurinclusief te bouwen en door beter gebruik te maken van innovatieve technieken en materialen. Datzelfde geldt voor bedrijven die aanleg-, beheer- en onderhoudswerkzaamheden uitvoeren in Natura 2000-gebieden. Deze bedrijven moeten worden gestimuleerd deze werkzaamheden emissiearm uit te voeren. Het Adviescollege adviseert aanbestedingsvoorwaarden en vergunningsvoorwaarden hierop aan te passen.

Benutten vrijgekomen ruimte

De gerealiseerde reductie mag slechts deels worden benut voor het oplossen van knelpunten voor activiteiten en het mogelijk maken van ontwikkelingen. Gezien de doelstelling om structureel emissies te reduceren, is het Adviescollege van mening dat in alle gevallen afroming van de gerealiseerde reductie moet plaatsvinden.

Salderen is een instrument dat kan worden ingezet, waarbij in alle gevallen afroming moet plaatsvinden. Ook het uitvoeren van de ADC-toets is onderdeel van de vigerende wetgeving. Het Adviescollege waarschuwt voor te hooggespannen verwachtingen van deze toets.

In mei 2020 wordt deel twee van het advies uitgebracht.

 

Heeft u vragen naar aanleiding van dit nieuwsartikel?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.

Niels Bronsgeest
T: +31 61 59 60 14 1
E:niels.bronsgeest@tauw.com
LinkedIn