Eén jaar na invoering van herziene ARIE-regeling: zijn bedrijven er klaar voor?

Op 1 januari 2024 verandert er weer het een en ander in de wet- en regelgeving voor bedrijven. Niet alleen de Omgevingswet treedt in werking, maar ook het overgangsjaar van de nieuwe ARIE-regeling is dan voorbij. Dit betekent dat bedrijven die onder deze regeling vallen vanaf dat moment ook moeten voldoen aan de vereisten. Zijn bedrijven hier klaar voor? Na een jaar lang verschillende bedrijven ondersteunt te hebben bij de voorbereiding hierop, delen wij graag onze visie.

veiligheidsbewustzijn, blog veiligheid, tauw

ARIE-regeling; hoe zat het ook alweer?

Begin 2023 is de herziening van de regeling rond de Aanvullende Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (hierna ARIE-regeling) in werking (zie ook onze eerdere berichtgeving hierover). Deze regeling is onderdeel van het Arbeidsomstandighedenbesluit en heeft als doel om zware ongevallen met gevaarlijke stoffen te voorkomen en de effecten hiervan zoveel mogelijk te beperken. De nieuwe regeling valt onder de Arbowetgeving en is direct werkend op bedrijven. Bedrijven moeten dus zelf controleren of zij onder de nieuwe wetgeving vallen.

Indien de ARIE-regeling van toepassing is, dient voldaan te worden aan een aantal vereisten, waaronder:

  • Melden van de ARIE-plicht bij de Nederlandse Arbeidsinspectie
  • Opstellen en implementeren van een preventiebeleid zware ongevallen
  • Opstellen, implementeren en onderhouden van een veiligheidsbeheerssysteem (VBS)
  • Identificeren en evalueren van de risico’s (ongevalsscenario’s) 
  • Opstellen en implementeren van een bedrijfsnoodplan
  • Gebruiken van deskundige bijstand 
  • Communiceren over mogelijk effecten van zware ongevallen binnen uw bedrijf naar naburige bedrijven of inrichtingen 

 

Bewustwording bij bedrijven

“Afgelopen jaar hebben we diverse bedrijven mogen ondersteunen bij het toetsen aan de drempelwaarden voor gevaarlijke stoffen, zoals deze zijn opgenomen in de ARIE-regeling”, vertelt Nikolai de Mots, ARIE-adviseur bij TAUW. “Met deze toets kan worden bepaald of een bedrijf onder de ARIE-regeling valt.” Collega-adviseur Pieter Luiten vult aan: “We dachten hierover veel vragen te krijgen, maar uiteindelijk waren dit er minder dan verwacht. Dit kan een paar dingen betekenen: óf bedrijven hebben de toetsing zelf gedaan of door andere adviesbureaus laten uitvoeren, óf bedrijven zijn zich niet bewust van de herziene regeling. We vermoeden dat dit laatste voor veel bedrijven geldt, aangezien we ook signalen vanuit de Nederlandse Arbeidsinspectie (handhavende instantie) krijgen dat minder bedrijven dan verwacht zich als ARIE-plichtige bedrijf gemeld hebben.”

“Zelf merken wij dit ook in de markt”, vertelt Viola van Pelt-van Staalduinen, eveneens ARIE-adviseur. “Als we bedrijven spreken vanuit andere disciplines en daarbij ook ingaan op de aanwezige gevaarlijke stoffen, dan beseffen bedrijven niet altijd dat ze (mogelijk) een ARIE-drempelwaarde overschrijden. We zien dit veelal bij bedrijven die huidcorrosieve stoffen in huis hebben, een stofcategorie die nieuw is binnen de ARIE-regeling en een lage drempelwaarde heeft.”

Op basis van de uitgevoerde toetsingen verwachten wij dat, naast de meeste Seveso-bedrijven, veel bedrijven uit de voedingsmiddelenindustrie, energiecentrales, staalcoating, drinkwaterbedrijven, op- en overslagbedrijven en bedrijven met DeNOx-installaties en/of desinfectiemiddelen onder de ARIE-regeling vallen.

Strategische keuzes

In de nieuwe ARIE-regeling hoeven geen ingewikkelde berekeningen op installatieniveau meer uitgevoerd te worden, maar moet de ‘op enig moment’ aanwezige hoeveelheid gevaarlijke stoffen getoetst worden aan de vastgestelde drempelwaarden in de regeling. De adviseurs zijn het er allen over eens dat deze aanpassing een duidelijke verbetering is ten opzichte van de vorige ARIE-regeling. Ze plaatsen echter ook kanttekeningen:

Volgens de regeling dient voor de toetsing uitgegaan te worden van de hoeveelheid per stof die ‘op enig moment aanwezig kan zijn’. Het gaat hier om de werkelijke hoeveelheid (= hoeveelheid die aanwezig is) en de te verwachten hoeveelheid (= wat te verwachten is voor mijn bedrijfsvoering), waarbij ook de stoffen meegenomen moeten worden die bij een onbedoelde reactie kunnen ontstaan (dus bijvoorbeeld na reactie met water). Het gaat hierbij niet om vergunde hoeveelheden. Voor containerbedrijven is met de Nederlandse Arbeidsinspectie een work-around afgesproken om voor de hoeveelheid uit te gaan van een maximaal gemiddelde. 

Bovenstaande maakt het voor bedrijven niet makkelijk, want het kan zijn dat ze voor een ARIE-stof vergund zijn, maar deze niet in huis hebben. Op dat moment vallen zij niet onder de ARIE-regeling, maar op het moment dat zij de ARIE-stof wel in huis krijgen én daarbij de drempelwaarde overschrijden, vallen zij er wél onder en moeten zij dit melden. Ook moeten zij per direct geheel voldoen aan de vereisten vanuit de ARIE-regeling. Aangezien deze vereisten dusdanig zijn dat deze niet binnen afzienbare tijd aanwezig en geïmplementeerd kunnen zijn, is het voor bedrijven belangrijk om in dergelijke situaties een strategische afweging te maken. Het kan een strategische keuze zijn om niet te melden (aanwezige hoeveelheid is te laag), maar al wel de vereisten te implementeren of te sturen op het niet overschrijden van de ARIE-drempelwaarden.

 

Waar lopen bedrijven tegen aan?

“We merken in de praktijk dat veel bedrijven moeite hebben met het aanleveren van een goede stoffenlijst,” aldus Nikolai. “Ook merken we dat het niet altijd duidelijk is of een stof onder de ARIE-regeling valt, en onder welke stofcategorie. Hierin zien we verschillen in zienswijzen.”

Viola vervolgt: “Bij het melden van de ARIE-plicht zien we dat bedrijven er tegenaan lopen dat het inlogproces niet altijd makkelijk duidelijk is. En als er wel ingelogd kan worden, kunnen bedrijven er tegenaan lopen dat hun Kamer van Koophandel gegevens niet volledig zijn. Het melden is gekoppeld aan het KvK-nummer voor de betreffende locatie.”

Bij de verdere uitwerking lopen bedrijven ook tegen uitdagingen aan, zoals:

  • Het onvoldoende beschikbaar zijn van een kerndeskundige die de verplichte deskundige bijstand kan verlenen. Daarnaast ondervinden bedrijven met meerdere ARIE-locaties dat, indien op één van deze locaties ook de Seveso-richtlijn van toepassing is, zij voor de Seveso-locatie geen deskundige bijstand door een kerndeskundige hoeven te regelen, maar voor de overige locaties wel. Voor Brzo-bedrijven is deskundige bijstand namelijk geen verplichting.
  • Het opstellen van ongevalsscenario’s. We zien dat bedrijven moeite hebben om herleidbare, reproduceerbare en navolgbare ongevalsscenario’s te identificeren en vervolgens op een eenduidige wijze uit te werken
  • De tijd en benodigde inspanning die het opstellen en implementeren van een Preventiebeleid zware ongevallen en veiligheidsbeheerssysteem, inclusief bedrijfsnoodplan met zich meeneemt. Onze ervaring is dat het opstellen hiervan al snel een jaar in beslag neemt en de implementatie ervan nog langer, zeker als een bedrijf nog geen ander (ISO) managementsysteem heeft.

 

Zijn bedrijven klaar voor de vereisten vanuit de ARIE-regeling?

Op deze vraag zijn de adviseurs het eens: nee, lang niet alle bedrijven zijn er klaar voor. De bedrijven die afgelopen jaar aan de slag zijn gegaan om aan de ARIE-vereisten te kunnen voldoen, zullen een heel eind komen. Echter, het zal nog enige jaren in beslag nemen voordat de regeling helemaal geïmplementeerd is. We zijn dan ook erg benieuwd naar de eerste inspecties die de Nederlandse Arbeidsinspectie in 2024 zal uitvoeren. De inspecteurs hebben al aangegeven zich vooral te concentreren op de identificatie van de ongevalsscenario’s en de maatregelen die hieruit voortkomen om de risico’s op zware ongevallen te beheersen.

 

Nog niet klaar voor de ARIE-vereisten? TAUW biedt hulp!

Binnen TAUW hebben wij een brede expertise en specialistische kennis op het gebied van de ARIE-vereisten.  Wij hebben de volgende diensten voor u beschikbaar:

  • ARIE-Calculator - Onze experts bepalen of uw bedrijf ARIE-plichtig is met behulp van een door onze experts ontwikkelde ARIE-calculator.
  • ARIE-Check - Onze experts gaan na in hoeverre uw bedrijf reeds voldoet aan de verplichtingen vanuit de ARIE-regeling.
  • ARIE-Documentatie – Onze experts ondersteunen u bij het opstellen van de verplichte documentatie, zoals het Pbzo-document, Veiligheidsbeheersysteem (VBS), installatiescenario’s en het bedrijfsnoodplan.
  • ARIE-Verplichte expertise aanwezigheid – Onze experts zijn zeer geschikt voor de rol van deskundige (gecertificeerde (hogere) veiligheidskundige of een gecertificeerde arbeidshygiënist)

Direct advies over de nieuwe ARIE-regeling! Vraag het onze experts

Voor vragen en/of hulp over de herziene ARIE-regeling kunt u contact opnemen met Viola van Pelt – van Staalduinen (06 31 74 14 72) of Arjan van Zeeburg (tel 06 51 20 86 40). Of ga naar Aanvullende risico-inventarisatie & evaluatie (ARIE) | TAUW

 

 

 

Hoe kunnen wij u helpen?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.