Zorgen over zeer zorgwekkende stoffen?

Tijdens mijn werk komt het inmiddels dagelijks ter sprake: zeer zorgwekkende stoffen (ZZS). Ondanks de verontrustende naam -niet gewoon zorgwekkend, maar zeer zorgwekkend- lijkt het een abstracte term. Toch zijn ZZS aanwezig in veel bedrijven en huishoudens, denk bijvoorbeeld aan PAK’s die ontstaan bij (aan)bakken.

Johan Blom

Wat zijn ZZS? 

ZZS zijn bewezen kankerverwekkende (carcinogeen), mutagene of reprotoxische stoffen (CMR) of bewezen persistente, bioaccumulerende én toxische stoffen (PBT) of zeer persistente én zeer bioaccumulerende stoffen (zPzB) of stoffen met vergelijkbare ernstige eigenschappen.

ZZS worden gezien als de meest gevaarlijke stoffen voor mens en milieu. Daarom wordt de emissie van deze ZZS met voorrang aangepakt. Het doel is om ZZS te weren. ZZS zijn niet nieuw, maar krijgen bij Lucht en Water sinds 2016 extra aandacht in het beleid en bij het verlenen van vergunningen.

Aanpak bij bedrijven
ZZS maken deel uit van de vergunningprocedure. Twee BBT-documenten, namelijk de Algemene Beoordelingsmethodiek 2016 (ABM) en het Handboek immissietoets 2016, regelen voor bedrijven de emissie van ZZS naar Water.
Het Activiteitenbesluit (Afdeling 2.3) regelt voor bedrijven de emissie en minimalisatie van ZZS naar de Lucht.

Wat is er veranderd in de regulering?
Vorig jaar is de wijze van regulering veranderd. Per 1 januari 2016 is bijvoorbeeld voor Lucht de Nederlandse Emissierichtlijn Lucht (NeR) in het Activiteitenbesluit geïmplementeerd.

Voor Water is de regelgeving nog recenter gewijzigd. Sinds 1 juli 2016 zijn de nieuwe ABM (algemene beoordelingsmethodiek) en de nieuwe immissietoets van kracht. Dit betekent dat vanaf die datum bij een nieuwe vergunning of revisievergunning in detail gekeken wordt naar de emissie van ZZS. Het gaat daarbij om het gebruik van ZZS, bronmaatregelen en ‘end of pipe’-maatregelen.

Hoe gaat dit in de praktijk?
Bij het aanvragen van een omgevingsvergunning of watervergunning is er geen ontkomen aan. Er moet aandacht besteed worden aan ZZS via de ABM en immissietoets. In de praktijk merken we dat de ABM en immissietoetsen geen formaliteit zijn. Het leidt bij bedrijven daadwerkelijk tot het vervangen van middelen met ZZS en het toepassen van extra emissiebeperkende maatregelen.

Bij de immissietoets moet bij directe lozing getoetst worden aan zeer strenge waterkwaliteitsnormen, waardoor voor enkele ZZS, zoals bijvoorbeeld sommige PAK’s, al heel snel sprake is van een ‘ontoelaatbare’ lozing. ‘Ontoelaatbaar’ betekent overigens niet dat de ZZS per definitie niet meer geloosd mag worden.

De kosten voor het vermijden of beperken van de emissie moeten worden afgewogen. Dit zou in Nederland op uniforme wijze moeten gebeuren. Onze ervaring is dat de toetsingen en afwegingen mensenwerk blijft en dat er verschillen zijn. 
Het blijkt in een aantal gevallen dat ZZS aanwezig zijn in grondstoffen en dat het in overleg met de leverancier mogelijk is om deze te vervangen door een alternatief. Voor sommige producenten en leveranciers is dit nog nieuw en vraagt het wat overredingskracht. In andere situaties is het gebruik van ZZS niet te voorkomen en moet er gekeken worden naar ‘end of pipe’-technieken om de emissie te verminderen. Hierbij is afweging van effectiviteit versus kosten toegestaan.

Reden tot zorgen?
Het identificeren van ZZS, bronmaatregelen en emissiebeperkende maatregelen en alle bijkomende toetsen is dikwijls geen sinecure. Het vergt kennis van emissies in relatie tot productieprocessen en procesomstandigheden. Het kost tijd en het vraagt kennis van chemie en technologie in combinatie met kennis van de complexe wetgeving op dit vlak.

Tauw is nauw betrokken bij ZZS. Daardoor weten we wat er in de praktijk speelt en hoe ermee om te gaan. We ondersteunen bedrijven bij inventarisaties van ZZS-emissies. Met een procesanalyse identificeren we optredende emissies. Zo nodig voeren we ook metingen uit. 
Samen met onze klanten onderzoeken we mogelijkheden om emissies te beperken en stellen we de haalbaarheid van maatregelen vast. Welke kosten zijn redelijk of wanneer zijn maatregelen kosteneffectief?

Discussies met het bevoegd gezag
Discussies over ZZS tussen bedrijven en het bevoegd gezag kunnen inhoudelijk behoorlijk ingewikkeld worden. Bovendien is er vrijwel geen jurisprudentie om op te leunen. Begin daarom bij het aanvragen van een vergunning op tijd met overleg met het bevoegd gezag. Stel de randvoorwaarden vast en ga de discussie aan.

Wij kunnen een belangrijke meerwaarde leveren bij het gezamenlijke overleg tussen bedrijven en het bevoegd gezag. Met onze ervaring met ZZS in verschillende branches en met verschillende bedrijven brengen we balans in de discussie.

Hoe kunnen wij u helpen?

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.

Johan Blom
T: +31 65 12 01 06 1
E:johan.blom@tauw.com
LinkedIn
Johan Blom