PFAS, oftewel per- en polyfluoralkylstoffen, zijn overal om ons heen. In Nederland zijn verhoogde PFAS-gehaltes en concentraties aangetroffen op vele locaties, variërend van industrieterreinen tot recreatieve zwemplassen. Deze situatie roept bezorgdheid op, aangezien langdurige blootstelling aan PFAS ernstige gevolgen kan hebben voor de volksgezondheid en het milieu. Daarnaast is het verwijderen van PFAS uit de bodem een technisch uitdagend en kostbaar proces, wat het vrijwel onmogelijk maakt om deze stoffen volledig uit de bodem te verwijderen.
De PFAS-problematiek blijkt inmiddels omvangrijker dan aangenomen, vooral omdat PFAS via productielocaties, gebruikslocaties, afvalstoffenverwerking en ook via verspreiding door lucht en water in de bodem terechtkomen. Deze constateringen hebben bij bevoegde gezagen en in de politiek geleid tot een groeiende behoefte aan een zo volledig mogelijk overzicht van potentiële PFAS-bronnen. Dit met als doel om de risico’s van deze stoffen goed te kunnen inschatten en om beleid om PFAS-blootstelling te reduceren te ontwikkelen.
Een slimme, risicogestuurde aanpak is daarom noodzakelijk om met deze stoffen in de toekomst om te gaan. Dit betekent dat ook de onderzoeksmethodiek voor het uitvoeren van grootschalig historisch onderzoek gericht moet zijn op het inzichtelijk maken van deze risico’s.
In afwezigheid van een uniform landelijk beleid voor het inventariseren van PFAS-bronnen zijn bevoegde gezagen en overheden zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop zij potentiële bronnen van PFAS binnen hun gebied inventariseren. Sommigen kiezen voor een gedetailleerde aanpak, waarbij elke bron en elk gegeven nauwkeurig worden geanalyseerd, terwijl anderen een steekproefsgewijze methode hanteren, bijvoorbeeld per branche. Deze verschillende benaderingen hebben hun voor- en nadelen. Als TAUW passen wij een uniforme onderzoeksmethodiek toe, zodat op nationaal niveau vergelijkbare resultaten kunnen worden verkregen en locaties geprioriteerd kunnen worden voor noodzakelijke vervolgstappen. Zo kan aan een landelijke (kosten)effectieve aanpak van de PFAS-problematiek worden bijgedragen.
TAUW heeft hiertoe een specifieke methodiek voor risico-beoordelingen van op PFAS verdachte locaties (puntbronnen) binnen het grondgebied van een of meer gemeenten of provincies ontwikkeld die wij momenteel toepassen bij verschillende bevoegde gezagen.
Wij hanteren een risicogestuurde onderzoeksmethodiek die we beschrijven als 'van grof naar fijn'. Wij doorlopen hierbij de volgende stappen, waarbij wij de informatie 'trechteren' om te komen tot de meest risicovolle locaties:
Met deze gestructureerde aanpak identificeren wij de belangrijkste bronnen van PFAS effectief en stellen we hun impact op de omgeving vast.
Het resultaat is een risico gestuurd overzicht van PFAS-verdachte locaties, waarmee bevoegde gezagen de potentiële risico’s nauwkeurig kunnen inschatten. Dit stelt hen in staat om weloverwogen beslissingen te nemen over eventuele vervolgstappen, zoals uitvoeren van bodemonderzoek. Op deze manier kunnen zij proactief handelen en effectief inspelen op de PFAS-uitdagingen in hun regio.
De uitkomsten van de inventarisatie kunnen tevens worden ingezet om de gemeenschap te informeren over mogelijke risico’s en de maatregelen die worden genomen om deze te beheersen. Bovendien ondersteunt dit proces bevoegd gezagen bij het aantrekken van financiering voor saneringsprojecten, waardoor beschikbare middelen doelgerichter en efficiënter kunnen worden benut.
Door dezelfde onderzoeksmethodiek toe te passen bij verschillende bevoegde gezagen leveren we niet alleen uniforme resultaten, maar dragen we ook bij aan een landelijke en kosteneffectieve aanpak van de PFAS-problematiek.
Meer weten over deze unieke aanpak? Neem contact met ons op!

Neem contact op met één van onze adviseurs.
![]()
PFAS informatiepunt

Leg uw vraagstuk voor aan onze experts, wij adviseren graag.